24.1 Balans per 31 december 2025
(na resultaatbestemming)
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Ref. | ||||
| ACTIVA | ||||
| Beleggingen voor risico Pensioenkring IFF | 1 | |||
| Vastgoedbeleggingen | 73.942 | |||
| Aandelen | 113.558 | |||
| Vastrentende waarden | 279.986 | |||
| Overige beleggingen | 1.937 | |||
| 469.423 | ||||
| Vorderingen en overlopende activa | 2 | 2.315 | ||
| Overige activa | 3 | 712 | ||
| TOTAAL ACTIVA | 472.450 | |||
| PASSIVA | ||||
| Algemene reserve Pensioenkring IFF | 4 | 152.274 | ||
| Technische voorzieningen | ||||
| Voorziening pensioenverplichtingen voor risico Pensioenkring IFF | 5 | 309.823 | ||
| Voorziening operationele kosten | 6 | 9.828 | ||
| Overige schulden en overlopende passiva | 7 | 525 | ||
| TOTAAL PASSIVA | 472.450 | |||
24.2 Staat van baten en lasten
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Ref. | ||||
| BATEN | ||||
| Premiebijdragen voor risico Pensioenkring IFF | 8 | 4.047 | ||
| Beleggingsresultaten risico Pensioenkring IFF | 9 | -5.129 | ||
| Overige baten | 10 | 641 | ||
| TOTAAL BATEN | -441 | |||
| LASTEN | ||||
| Pensioenuitkeringen | 11 | 2.616 | ||
| Pensioenuitvoeringskosten | 12 | 581 | ||
| Mutatie technische voorziening | ||||
| Mutatie voorziening pensioenverplichtingen voor risico Pensioenkring IFF | 5 | 309.823 | ||
| Mutatie voorziening operationele kosten | 6 | 9.828 | ||
| 319.651 | ||||
| Saldo overdrachten van rechten | 13 | -475.563 | ||
| TOTAAL LASTEN | -152.715 | |||
| Saldo van baten en lasten | 152.274 | |||
| Bestemming van het saldo van baten en lasten | ||||
| Algemene reserve Pensioenkring IFF | 152.274 | |||
| Totaal saldo van baten en lasten | 152.274 | |||
24.3 Kasstroomoverzicht
Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de directe methode.
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| KASSTROOM UIT PENSIOENACTIVITEITEN | ||||
| Ontvangsten | ||||
| Ontvangen premiebijdragen voor risico Pensioenkring IFF | 1.772 | |||
| Ontvangen in verband met overdracht van rechten | 475.563 | |||
| Overige ontvangsten | 633 | |||
| 477.968 | ||||
| Uitgaven | ||||
| Betaalde pensioenuitkeringen | -2.402 | |||
| Betaalde pensioenuitvoeringskosten | -527 | |||
| Afdracht weerstandsvermogen | -973 | |||
| -3.902 | ||||
| Totaal kasstroom uit pensioenactiviteiten | 474.066 | |||
| KASSTROOM UIT BELEGGINGSACTIVITEITEN | ||||
| Ontvangsten | ||||
| Directe beleggingsopbrengsten voor risico Pensioenkring IFF | -9 | |||
| Verkopen en aflossingen van beleggingen voor risico Pensioenkring IFF | 86.142 | |||
| 86.133 | ||||
| Uitgaven | ||||
| Aankopen beleggingen voor risico Pensioenkring IFF | -554.906 | |||
| Betaalde kosten van vermogensbeheer | 0 | |||
| -554.906 | ||||
| Totaal kasstroom uit beleggingsactiviteiten | -468.773 | |||
| Netto kasstroom | 5.293 | |||
| Koers-/omrekenverschillen | 0 | |||
| Mutatie liquide middelen | 5.293 | |||
| Liquide middelen per 1 oktober | 0 | |||
| Liquide middelen per 31 december | 5.293 | |||
| Mutatie liquide middelen | 5.293 | |||
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Waarvan: | ||||
| Voor risico pensioenkring (3) | 712 | |||
| Binnen de beleggingsportefeuille (1) | 4.581 | |||
| Liquide middelen per 31 december | 5.293 | |||
| Liquide middelen binnen de beleggingsportefeuille: | ||||
| - Liquide middelen bij de vermogensbeheerder | 4.581 | |||
| Totaal (1) | 4.581 | |||
24.4 Toelichting op de financiële opstelling van Pensioenkring IFF
Algemeen
In deze paragraaf wordt ingegaan op de specifieke grondslagen voor waardering van activa en passiva en bepaling van het resultaat voor Pensioenkring IFF. De grondslagen die voor alle pensioenkringen van toepassing zijn, worden toegelicht in 26.1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling.
Pensioenkring IFF is op 1 oktober 2025 opgericht. Daarom zijn er geen vergelijkende cijfers van toepassing.
Grondslagen
Schattingswijziging
De financiële opstelling in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW vereist dat het bestuur oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten.
De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld.
Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de desbetreffende posten in de financiële opstelling. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.
In 2025 hebben geen grondslagwijzingen plaatsgevonden.
Grondslagen voor waardering van activa en passiva
Technische voorzieningen
De berekeningen voor de voorziening pensioenverplichtingen zijn uitgevoerd op basis van de volgende actuariële grondslagen en veronderstellingen:
- de voorziening pensioenverplichtingen wordt berekend als de contante waarde van de op de balansdatum opgebouwde pensioenen inclusief de eventueel op 31 december daaropvolgend toe te kennen verhoging in verband met toeslagverlening
- voor arbeidsongeschikte deelnemers wordt de voorziening pensioenverplichtingen voor het arbeidsongeschikte deel berekend als de contante waarde van de op de pensioendatum in uitzicht gestelde pensioenen bij een tot die datum voortgezette pensioenopbouw
- voor mannen en vrouwen is gebruik gemaakt van de in 2024 door het Koninklijk Actuarieel Genootschap gepubliceerde Prognosetafel AG2024. Om rekening te houden met het gegeven dat de populatie van de pensioenkring af kan wijken van de totale populatie waarop de prognosetafel is gebaseerd, worden leeftijdsafhankelijke correctiefactoren op de sterftekansen toegepast. De correctiefactoren zijn gebaseerd op het Towers Watson ervaringssterftemodel 2024.
- de leeftijd per de berekeningsdatum wordt vastgesteld in maanden nauwkeurig, waarbij de geboortedatum gelijk wordt gesteld aan de 1e dag van de geboortemaand
- de reservering voor partnerpensioen wordt voor pensioendatum bepaald op basis van partnerfrequenties. Na pensioendatum wordt uitgegaan van een bepaalde partner
- het leeftijdsverschil tussen man en vrouw wordt gesteld op 3 jaar
- de leeftijd en duur worden in maanden nauwkeurig vastgesteld
- ter dekking van toekomstige administratiekosten en excassokosten is een separate kostenvoorziening gevormd
- voor het latent wezenpensioen wordt 1,0% van de voorziening pensioenverplichtingen voor het latent nabestaandenpensioen van actieve, premievrije en arbeidsongeschikte deelnemers gereserveerd
- als rekenrente voor de voorziening pensioenverplichtingen wordt de rentetermijnstructuur per 31 december van het betreffende boekjaar zoals die door DNB is gepubliceerd, gehanteerd
Grondslagen voor bepaling van het resultaat
Mutatie voorziening pensioenverplichtingen voor risico Pensioenkring IFF
Toeslagverlening
Voor actieve en inactieve deelnemers probeert Pensioenkring IFF ieder jaar het pensioen te verhogen met het consumenten prijsindexcijfer alle bestedingen (afgeleid) over de periode 31 oktober van het voorafgaande jaar tot en met 31 oktober van het jaar waarover de verhoging plaatsvindt, zoals gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het betreft een voorwaardelijke toeslagverlening die gefinancierd wordt uit het beleggingsrendement. Het bestuur van Stap neemt ieder jaar een besluit over de toeslagverlening.
De pensioenkring heeft in 2025 gebruik gemaakt van de versoepelde toeslagregels. De sociale partners hebben de intentie uitgesproken om in te varen. Hierdoor was het mogelijk om per 1 januari 2026 0,12% extra aan toeslag toe te kennen. Dit resulteert in een totale toeslag van 3,01%. De (extra) toeslagverlening heeft niet geleid tot een dekkingsgraad onder de 105%.
24.5 Toelichting op de balans per 31 december 2025
ACTIVA
1. Beleggingen voor risico Pensioenkring IFF
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Vastgoedbeleggingen | 73.942 | |
| Aandelen | 113.558 | |
| Vastrentende waarden | 279.986 | |
| Overige beleggingen | 1.937 | |
| Totaal | 469.423 |
| (bedragen x € 1.000) | Vastgoed-beleggingen | Aandelen | Vastrentende waarden | Overige beleggingen | Totaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Stand per 1 oktober 2025 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |||||
| Aankopen | 73.364 | 109.940 | 371.602 | 0 | 554.906 | |||||
| Verkopen | 0 | 0 | -86.141 | 0 | -86.141 | |||||
| Herwaardering | 578 | 3.618 | -5.475 | 0 | -1.279 | |||||
| Overige mutaties | 0 | 0 | 0 | 1.937 | 1.937 | |||||
| Stand per 31 december 2025 | 73.942 | 113.558 | 279.986 | 1.937 | 469.423 |
Van de totale aankopen heeft een bedrag van 475.429 betrekking op de collectieve waardeoverdracht.
De overige mutaties onder de overige beleggingen bestaan uit toe- en afname van liquide middelen binnen de beleggingsportefeuille en de mutaties binnen de vorderingen en schulden voor de beleggingen, die onder de overige beleggingen worden gepresenteerd.
Het economisch risico van de beleggingen ligt bij Pensioenkring IFF. Het juridisch eigendom van de beleggingen is ondergebracht bij Stap.
Vastgoedbeleggingen
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Indirecte vastgoedbeleggingen, zijn de participaties in beleggingsinstellingen die beleggen in aandelen | 73.942 | |
| Totaal | 73.942 |
Ultimo boekjaar bedragen de volgende posten meer dan 5% van de betreffende beleggingscategorie:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| SKRAVELBERGET STORRE 19 | 5.194 | 7,0% | ||
| Totaal | 5.194 | 7,0% | ||
Aandelen
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Beursgenoteerde en niet beursgenoteerde beleggingsinstellingen die beleggen in aandelen | 113.558 | |
| Totaal | 113.558 |
Ultimo boekjaar zijn er geen posities binnen de betreffende beleggingscategorie met een belang groter dan 5%.
Pensioenkring IFF belegt niet in de werkgever.
Vastrentende waarden
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Niet-beursgenoteerde beleggingsinstellingen die beleggen in vastrentende waarden | 279.986 | |
| Totaal | 279.986 |
Ultimo boekjaar bedragen de volgende posten meer dan 5% van de betreffende beleggingscategorie:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| M&G EUROPEAN LOAN FUND | 69.452 | 24,8% | ||
| M&G CREDIT OPPS III | 61.633 | 22,0% | ||
| Duitse staatsobligaties | 25.123 | 9,0% | ||
| Nederlandse staatsobligaties | 15.076 | 5,4% | ||
| Totaal | 171.284 | 61,2% | ||
Overige beleggingen
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Beleggingsschulden | -2.690 | |
| Beleggingsvorderingen | 46 | |
| Liquide middelen bij de vermogensbeheerder | 4.581 | |
| Totaal | 1.937 |
De beleggingsvorderingen en -schulden zijn kortlopend.
Ultimo boekjaar zijn er geen posities binnen de betreffende beleggingscategorie met een belang groter dan 5%.
Securities lending
Pensioenkring IFF participeert niet in securities lending programma's.
Schattingen en oordelen
Zoals vermeld in de toelichting zijn de beleggingen van Pensioenkring IFF gewaardeerd tegen actuele waarde per balansdatum en is het over het algemeen mogelijk en gebruikelijk om de actuele waarde binnen een aanvaardbare bandbreedte van schattingen vast te stellen. Voor sommige andere financiële instrumenten, zoals beleggingsvorderingen en -schulden, geldt dat de boekwaarde de actuele waarde benadert als gevolg van het kortetermijnkarakter van de vorderingen en schulden. De boekwaarde van alle activa en de financiële verplichtingen op balansdatum benadert de actuele waarde.
Voor de meerderheid van de financiële instrumenten van Pensioenkring IFF kan gebruik worden gemaakt van afgeleide marktnoteringen. Echter, voor de onderliggende beleggingen binnen het M&G Credit OPPS III wordt gebruik gemaakt van waardering door middel van gebruikmaking van waarderingsmodellen en -technieken, inclusief verwijzing naar de huidige reële waarde van vergelijkbare instrumenten. De tabel is gebaseerd op de levelindeling van het beleggingsfonds waarin wordt belegd. Op basis van de boekwaarde kan het volgende onderscheid worden gemaakt:
| (bedragen x € 1.000) | Genoteerde marktprijzen | Afgeleide markt-noteringen |
Waarderings-modellen | Overig | Totaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Vastgoed | 0 | 0 | 73.942 | 0 | 73.942 | |||||
| Aandelen | 0 | 113.558 | 0 | 0 | 113.558 | |||||
| Vastrentende waarden | 0 | 218.353 | 61.633 | 0 | 279.986 | |||||
| Overige beleggingen | 0 | 0 | 0 | 1.937 | 1.937 | |||||
| Stand per 31 december 2025 | 0 | 331.911 | 135.575 | 1.937 | 469.423 |
2. Vorderingen en overlopende activa
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Vorderingen op de werkgevers | 2.275 | |
| Overige vorderingen en overlopende activa | 40 | |
| Totaal | 2.315 |
De vorderingen op de werkgevers bestaan uit de nog te ontvangen premie van december 2025 (1.041), aanvullende premie voor de pensioenuitvoeringskosten (634), koopsom voor nieuwe arbeidsongeschikten over het vierde kwartaal 2025 (556) en de premieafrekening 2025 (44).
De overige vorderingen en overlopende activa bestaan uit een vordering met betrekking tot het weerstandsvermogen (34) en nog te ontvangen interest (6).
Alle vorderingen hebben een resterende looptijd van korter dan één jaar.
3. Overige activa
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Liquide middelen | 712 | |
| Totaal | 712 |
Pensioenkring IFF heeft twee bankrekeningen, waarvan één met name wordt gebruikt voor de financiële verrekening met Stap. Stap betaalt de pensioenuitkeringen aan de pensioengerechtigden van Pensioenkring IFF en betaalt een deel van de pensioenuitvoeringskosten aan crediteuren. De tweede bankrekening wordt gebruikt voor de verwerking van waardeoverdrachten klein pensioen.
De liquide middelen bij banken staan ter vrije beschikking van Pensioenkring IFF.
De liquide middelen komen economisch toe aan Pensioenkring IFF. Het juridisch eigendom ligt bij Stap.
PASSIVA
4. Algemene reserve Pensioenkring IFF
| (bedragen x € 1.000) | 2025 | |
|---|---|---|
| Stand per 1 oktober | 0 | |
| Bestemming saldo van baten en lasten boekjaar | 152.274 | |
| Stand per 31 december | 152.274 |
Dekkingsgraad, vermogenspositie en herstelplan
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Feitelijke dekkingsgraad | 147,6% | |
| Reële dekkingsgraad | 103,0% | |
| Beleidsdekkingsgraad | 141,1% |
De feitelijke dekkingsgraad van Pensioenkring IFF wordt berekend door op de balansdatum het pensioenvermogen te delen door de technische voorzieningen zoals opgenomen in de balans.
De reële dekkingsgraad wordt berekend door de beleidsdekkingsgraad ultimo boekjaar te delen door de grens voor Toekomst Bestendig Indexeren (TBI-grens) ultimo boekjaar. De TBI-grens per 30 september van een jaar is bepalend voor het besluit of de volledige toeslag op basis van Toekomst Bestendig Indexeren kan worden toegekend.
De beleidsdekkingsgraad is gebaseerd op het rekenkundig gemiddelde van de dekkingsgraden over de laatste 12 maanden. Voor de bepaling van de beleidsdekkingsgraad zijn ook de dekkingsgraden van het 'oude' Stichting IFF Pensioenfonds meegenomen. Bij de bepaling van de beleidsdekkingsgraad wordt steeds gebruik gemaakt van de meest actuele inschatting van de betreffende dekkingsgraden.
Voor het bepalen van het vereist eigen vermogen (de solvabiliteitstoets) maakt Pensioenkring IFF gebruik van het standaard model. Het bestuur acht het gebruik van het standaardmodel passend voor de risico's van Pensioenkring IFF. De uitkomsten van de solvabiliteitstoets zijn opgenomen in de paragraaf 'Risicobeheer'.
Op basis hiervan bedraagt het (minimaal) vereist eigen vermogen op 31 december:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Algemene reserve Pensioenkring IFF | 152.274 | 47,6% | ||
| Minimaal vereist eigen vermogen | 13.284 | 4,2% | ||
| Vereist eigen vermogen | 51.331 | 16,1% | ||
De vermogenspositie van Pensioenkring IFF wordt gekarakteriseerd als een situatie met een toereikende solvabiliteit.
Herstelplan
De pensioenkring hoeft geen herstelplan in te dienen omdat de beleidsdekkingsgraad per 31 december 2025 (141,1%) hoger ligt dan de vereiste dekkingsgraad per 31 december 2025 (116,1%).
Minimaal vereist vermogen
Indien de beleidsdekkingsgraad gedurende vijf achtereenvolgende jaren (6 peilmomenten) lager is dan het vermogen horende bij het minimaal vereist vermogen, dienen de pensioenaanspraken en -rechten te worden gekort. Dit betreft de korting op basis van de Maatregel minimaal vereist eigen vermogen (de zogenoemde MVEV-korting). Het korten is hierbij onvoorwaardelijk, maar mag worden verdeeld over (maximaal) 10 jaar.
Ultimo 2025 is de beleidsdekkingsgraad (141,1%) hoger dan de dekkingsgraad die hoort bij het minimaal vereist vermogen (104,2%). De MVEV-korting is per 31 december 2025 voor Pensioenkring IFF dus niet aan de orde.
Statutaire regelingen voor de bestemming van het saldo van baten en lasten
Er zijn geen statutaire bepalingen voor de bestemming van het resultaat. Het positieve saldo van de staat van baten en lasten, van 152.274 over het boekjaar, verhoogt de algemene reserve van Pensioenkring IFF.
5. Voorziening pensioenverplichtingen voor risico Pensioenkring IFF
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Voorziening pensioenverplichtingen voor risico Pensioenkring IFF | 309.823 | |
| Totaal | 309.823 |
Voorziening pensioenverplichtingen voor risico Pensioenkring IFF
| (bedragen x € 1.000) | 2025 | |
|---|---|---|
| Stand per 1 oktober | 0 | |
| Pensioenopbouw | 2.127 | |
| Toeslagverlening | 9.053 | |
| Rentetoevoeging | 1.670 | |
| Onttrekking voor pensioenuitkeringen | -2.644 | |
| Wijziging marktrente | -16.268 | |
| Wijziging actuariële grondslagen | 0 | |
| Wijziging uit hoofde overdracht van rechten | 315.414 | |
| Overige mutaties voorziening pensioenverplichtingen | 471 | |
| Stand per 31 december | 309.823 |
Pensioenopbouw
Onder pensioenopbouw is opgenomen de actuarieel berekende waarde van de diensttijdopbouw. Dit is het effect op de voorziening pensioenverplichtingen van de in het verslagjaar opgebouwde nominale rechten ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen. Verder is hierin begrepen het effect van de individuele salarisontwikkeling.
Toeslagverlening
Voor actieve deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden probeert Pensioenkring IFF ieder jaar het pensioen te verhogen met het consumenten prijsindexcijfer alle bestedingen (afgeleid) over de periode 31 oktober van het voorafgaande jaar tot en met 31 oktober van het jaar waarover de verhoging plaatsvindt, zoals gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het betreft een voorwaardelijke toeslagverlening die gefinancierd wordt uit het beleggingsrendement.
Het bestuur van Stap neemt ieder jaar een besluit over de toeslagverlening. Per 1 januari 2026 is een (gedeeltelijke) toeslag verleend van 2,89% aan de actieve deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden. De pensioenkring heeft in 2025 gebruik gemaakt van de versoepelde toeslagregels. De sociale partners hebben de intentie uitgesproken om in te varen. Hierdoor was het mogelijk om per 1 januari 2026 0,12% extra aan toeslag toe te kennen. Dit resulteert in een totale toeslag van 3,01%.
Rentetoevoeging
De pensioenverplichtingen zijn opgerent met 2,119%, op basis van de éénjaarsrente van de door DNB gepubliceerde rentermijnstructuur per 30 september 2025.
Onttrekking voor pensioenuitkeringen
Verwachte toekomstige pensioenuitkeringen worden vooraf actuarieel berekend en opgenomen in de voorziening pensioenverplichtingen. De onder deze regel opgenomen afname van de voorziening betreft het bedrag dat vrijkomt ten behoeve van de financiering van de verwachte pensioenuitkeringen in de verslagperiode.
Wijziging marktrente
Jaarlijks wordt per 31 december de marktwaarde van de voorziening pensioenverplichtingen voor risico pensioenkring herrekend door toepassing van de actuele rentetermijnstructuur. Het effect van de verandering van de rentetermijnstructuur wordt verantwoord onder wijziging marktrente.
| Rentepercentage per | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| 3,17% |
Wijziging actuariële grondslagen
Jaarlijks worden de actuariële grondslagen en/of methoden beoordeeld en mogelijk herzien voor de berekening van de actuele waarde van de pensioenverplichtingen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van interne en externe actuariële deskundigheid. Dit betreft onder meer de vergelijking van de veronderstellingen voor sterfte, langleven en arbeidsongeschiktheid met werkelijke waarnemingen, zowel voor de gehele bevolking als voor de populatie van de pensioenkring.
De vaststelling van de toereikendheid van de voorziening voor pensioenverplichtingen is een inherent onzeker proces, waarbij gebruik wordt gemaakt van schattingen en oordelen door het bestuur van het fonds. Het effect van deze wijzigingen wordt verantwoord in het resultaat op het moment dat de actuariële grondslagen worden herzien.
In 2025 zijn er geen grondslagwijzigingen geweest.
Wijziging uit hoofde overdracht van rechten
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Collectieve waardeoverdracht Stichting IFF Pensioenfonds | 315.414 | |
| Totaal | 315.414 |
Overige mutaties voorziening pensioenverplichtingen
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Resultaat op kanssystemen: | ||
| - Sterfte | 105 | |
| - Arbeidsongeschiktheid | 381 | |
| - Mutaties | -15 | |
| Totaal | 471 |
Onder sterfte is de afwijking tussen de werkelijke sterfte ten opzichte van de veronderstelde sterfte weergegeven. Het effect onder arbeidsongeschiktheid ontstaat doordat de werkelijke schade als gevolg van invalidering afwijkt van de in de premiestelling veronderstelde invalidering.
De voorziening pensioenverplichtingen, inclusief de voorziening operationele kosten is naar categorieën deelnemers als volgt samengesteld:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Voorziening | Aantallen | |||
| Actieven en arbeidsongeschikten | 112.421 | 1.097 | ||
| Gewezen deelnemers | 73.094 | 1.182 | ||
| Pensioengerechtigden | 124.308 | 573 | ||
| 309.823 | 2.852 | |||
| Overig | 9.828 | 0 | ||
| Voorziening pensioenverplichtingen | 319.651 | 2.852 | ||
'Overig' bestaat uit de reservering voor toekomstige uitvoeringskosten voor de uitvoering van de pensioenregeling.
Korte beschrijving pensioenregeling
De pensioenregeling is een uitkeringsovereenkomst in de zin van de Pensioenwet. Meer in het bijzonder betreft het een middelloonregeling met een pensioenleeftijd van 67 jaar. Jaarlijks wordt een aanspraak op ouderdomspensioen opgebouwd van 1,875% van de in dat jaar geldende pensioengrondslag met een franchise van 23.041 (bedrag 2025). Het pensioengevend salaris is gemaximeerd op 76.427 (bedrag 2025). Tevens bestaat het recht op nabestaandenpensioen en wezenpensioen.
De pensioenregeling kent een aantal keuzemogelijkheden, te weten het vervroegen van de pensioeningangsdatum, een variabele hoogte van de pensioenuitkeringen en het ruilen van ouderdomspensioen voor nabestaandenpensioen op pensioendatum. De deelnemer kan de hoogte van de uitkeringen van het ouderdomspensioen variabel laten zijn. Tevens is de mogelijkheid om gedeeltelijk met pensioen te gaan in de regeling opgenomen.
De pensioenkring kent een 80-80-100 regeling. De regeling maakt het, in het kader van duurzame inzetbaarheid, onder voorwaarden mogelijk voor de werknemer om minder dan de voor de werknemer geldende normale arbeidstijd te werken met behoud van pensioenopbouw.
Jaarlijks beslist het bestuur van Stap de mate waarin de opgebouwde pensioenaanspraken en -rechten worden geïndexeerd.
Toeslagverlening
Voor actieve deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden probeert Pensioenkring IFF ieder jaar het pensioen te verhogen met het consumenten prijsindexcijfer alle bestedingen (afgeleid) over de periode 31 oktober van het voorafgaande jaar tot en met 31 oktober van het jaar waarover de verhoging plaatsvindt, zoals gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het betreft een voorwaardelijke toeslagverlening die gefinancierd wordt uit het beleggingsrendement. Het bestuur van Stap neemt ieder jaar een besluit over de toeslagverlening. De jaarlijkse toeslag is gemaximeerd op 4%.
Per 1 januari 2026 is een (gedeeltelijke) toeslag verleend van 2,89% aan de actieve deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden. De pensioenkring heeft in 2025 gebruik gemaakt van de versoepelde toeslagregels. De sociale partners hebben de intentie uitgesproken om in te varen. Hierdoor was het mogelijk om per 1 januari 2026 0,12% extra aan toeslag toe te kennen. Dit resulteert in een totale toeslag van 3,01%.
Inhaaltoeslagen
Onder bepaalde omstandigheden kunnen inhaaltoeslagen worden toegekend. Inhaaltoeslagen zijn toeslagen die worden toegezegd, voor zover in het verleden niet voor 100% is geïndexeerd. Om inhaaltoeslagen te kunnen toekennen is een hoge dekkingsgraad vereist. Inhaaltoeslagen zijn daarom op korte termijn niet te verwachten. Het bestuur geeft in de financiële opstelling elk jaar een specificatie van het verschil tussen de volledige en de werkelijk toegekende toeslagen.
Voor de actieve deelnemers is deze specificatie in de volgende tabel opgenomen.
| Actieve deelnemers | Volledige toeslag- verlening |
Toegekende toeslagen |
Verschil | Cumulatief verschil (t.o.v. ambitie) |
||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 januari 2026 | 3,01% | 3,01% | 0,00% | 11,08% |
Voor de gewezen deelnemers en de pensioengerechtigden is deze specificatie in de volgende tabel opgenomen.
| Gewezen deelnemers en pensioengerechtigden | Volledige toeslag- verlening |
Toegekende toeslagen |
Verschil | Cumulatief verschil (t.o.v. ambitie) |
||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 januari 2026 | 3,01% | 3,01% | 0,00% | 11,08% |
6. Voorziening operationele kosten
| (bedragen x € 1.000) | 2025 | |
|---|---|---|
| Stand per 1 oktober | 8.199 | |
| Toevoeging opslag toekomstige uitvoeringskosten | 71 | |
| RTS-effect | 43 | |
| Overige mutaties | 1.515 | |
| Stand per 31 december | 9.828 |
Toekomstige pensioenuitvoeringskosten (in het bijzonder excassokosten) worden vooraf actuarieel berekend en opgenomen in de voorziening pensioenverplichtingen. De onder deze regel opgenomen afname van de voorziening betreft het bedrag dat vrijkomt voor de financiering van de verwachte pensioenuitvoeringskosten in de verslagperiode.
7. Overige schulden en overlopende passiva
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Belastingen en premies sociale verzekeringen | 210 | |
| Overige schulden en overlopende passiva | 315 | |
| Totaal | 525 |
De belastingen en premies sociale verzekeringen betreffen de nog af te dragen loonheffing aan Stap, die hoort bij de pensioenuitkeringen van december 2025. De betaling van de loonheffing aan de Belastingdienst wordt door Stap gedaan en aan de pensioenkring doorbelast. Deze afdracht heeft in januari 2026 plaatsgevonden.
De overige schulden en overlopende passiva bestaan uit de overlopende kosten uit 2025 (228), de nog met Stap af te rekenen exploitatiekosten over het vierde kwartaal van 2025 (62), openstaande crediteuren (21) en verrekeningen pensioenen (4).
Alle schulden hebben een resterende looptijd van korter dan één jaar.
Risicobeheer
Pensioenkring IFF wordt bij het beheer van de pensioenverplichtingen en de financiering daarvan geconfronteerd met risico's. De belangrijkste doelstelling van de pensioenkring is het nakomen van de pensioentoezeggingen en daarmee is het solvabiliteitsrisico het belangrijkste risico voor de pensioenkring.
In deze paragraaf wordt ingegaan op het beheer van de specifieke risico's voor Pensioenkring IFF. Het beheer van de risico's die voor alle pensioenkringen van toepassing zijn, wordt toegelicht in 26.2 Grondslagen risicobeheer pensioenkringen.
Solvabiliteitsrisico's
De aanwezige dekkingsgraad heeft zich als volgt ontwikkeld:
| Ontwikkeling dekkingsgraad | 2025 | |
|---|---|---|
| Dekkingsgraad per 1 oktober* | 100,0% | |
| Collectieve waardeoverdracht | 47,0% | |
| Premie | 0,4% | |
| Uitkeringen | 0,0% | |
| Toeslagverlening | -2,7% | |
| Wijziging rentetermijnstructuur voorziening pensioenverplichtingen | 5,3% | |
| Beleggingsrendementen (excl. renteafdekking) | -2,1% | |
| Wijziging actuariële grondslagen | 0,0% | |
| Wijziging uit hoofde overdracht van rechten | 0,0% | |
| Kanssystemen | 0,0% | |
| Kosten | 0,0% | |
| Overige (incidentele) mutaties | -0,5% | |
| Kruiseffecten | 0,2% | |
| Dekkingsgraad per 31 december | 147,6% |
De berekening van het vereist eigen vermogen en het hieruit voortvloeiende surplus aan het einde van het boekjaar is als volgt:
| Vereist Eigen Vemogen | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| S1 Renterisico | 4,4% | |
| S2 Risico zakelijke waarden | 9,2% | |
| S3 Valutarisico | 0,1% | |
| S4 Grondstoffenrisico | 0,0% | |
| S5 Kredietrisico | 6,0% | |
| S6 Verzekeringstechnische risico | 3,4% | |
| S7 Liquiditeitsrisico | 0,0% | |
| S8 Concentratierisico | 0,0% | |
| S9 Operationeel risico | 0,0% | |
| S10 Actief risico | 1,6% | |
| Diversificatie-effect | -8,6% | |
| Totaal | 16,1% |
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Vereist pensioenvermogen | 370.982 | |
| Voorziening pensioenverplichtingen -/- | 319.651 | |
| Vereist eigen vermogen | 51.331 | |
| Aanwezig pensioenvermogen (totaal activa -/- schulden) | 152.274 | |
| Surplus | 100.943 |
De buffers zijn berekend op basis van het standaardmodel, waarbij voor de samenstelling van de beleggingen wordt uitgegaan van de strategische beleggingsmix in de evenwichtssituatie. Het surplus wordt bepaald op basis van de vermogensstand ultimo 2025. De feitelijke dekkingsgraad (147,6%) is per 31 december 2025 hoger dan de dekkingsgraad op basis van het vereist vermogen (116,1%).
Renterisico (S1)
De duration en het effect van de afdekking van het renterisico kan als volgt worden samengevat:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Waarde | Duration | |||
| Vastrentende waarden (exclusief derivaten) | 3,4 | |||
| Vastrentende waarden (inclusief derivaten) | 12,8 | |||
| (nominale) Pensioenverplichtingen | 319.651 | 16,7 | ||
Het percentage afdekking van het renterisico van 70,3% leidt ertoe dat de duration van de vastrentende waarden na afdekking van het renterisico stijgt met 9,4 naar 12,8.
De samenstelling van de vastrentende waarden naar looptijd is als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Resterende looptijd < 1 jaar | 40.023 | 14,3% | ||
| Resterende looptijd > 1 < 5 jaar | 23.536 | 8,4% | ||
| Resterende looptijd > 5 < 10 jaar | 19.123 | 6,8% | ||
| Resterende looptijd > 10 < 20 jaar | 41.163 | 14,7% | ||
| Resterende looptijd > 20 jaar | 25.056 | 8,9% | ||
| Niet gespecificeerd * | 131.085 | 46,8% | ||
| Totaal | 279.986 | 100,0% | ||
De presentatie van de vastrentende waarden naar bovenstaande looptijden hangt samen met het lange termijn karakter van de investeringen van Pensioenkring IFF en het hiermee samenhangende beleid.
Ter vergelijking zijn de resterende looptijden van de pensioenverplichtingen (inclusief voorziening operationele kosten) in onderstaand overzicht weergegeven:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Resterende looptijd < 5 jaar | 56.089 | 17,5% | ||
| Resterende looptijd > 5 < 10 jaar | 55.856 | 17,5% | ||
| Resterende looptijd > 10 < 20 jaar | 94.202 | 29,5% | ||
| Resterende looptijd > 20 jaar | 113.504 | 35,5% | ||
| Totaal | 319.651 | 100,0% | ||
Valutarisico (S3)
Het totaalbedrag dat in 2025 in euro's is belegd, bedraagt vóór afdekking 316.423 ofwel 67,4% en na afdekking 310.717 ofwel 66,2%.
Per einde boekjaar is de waarde van de uitstaande valutatermijncontracten -98.
De valutapositie per 31 december 2025 is vóór en na afdekking door valutaderivaten als volgt weer te geven:
| 31-12-2025 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal voor afdekking | Valutaderivaten afdekking | Netto positie na afdekking |
||||
| EUR | 316.423 | -5.706 | 310.717 | |||
| GBP | 7.892 | -245 | 7.647 | |||
| JPY | 6.807 | 453 | 7.260 | |||
| USD | 120.863 | 5.208 | 126.071 | |||
| Overige | 17.536 | 192 | 17.728 | |||
| Totaal niet EUR | 153.098 | 5.608 | 158.706 | |||
| Totaal | 469.521 | -98 | 469.423 |
De segmentatie van de totale beleggingsportefeuille naar regio is, op look through basis, als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Europa | 295.257 | 62,9% | ||
| Noord-Amerika | 152.074 | 32,4% | ||
| Zuid-Amerika | 830 | 0,2% | ||
| Azië-Pacific | 19.326 | 4,1% | ||
| Subtotaal vastgoed, aandelen en vastrentende waarden | 467.486 | 99,6% | ||
| Overige beleggingen | 1.937 | 0,4% | ||
| Totaal | 469.423 | 100,0% | ||
De segmentatie van de totale beleggingsportefeuille naar sectoren is, op look through basis, als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Energie | 4.251 | 0,9% | ||
| Bouw- en grondstoffen | 750 | 0,2% | ||
| Industrie | 16.898 | 3,6% | ||
| Duurzame Consumentengoederen | 17.756 | 3,8% | ||
| Consumentengebruiksgoederen | 18.511 | 3,9% | ||
| Gezondheidszorg | 14.567 | 3,1% | ||
| Informatietechnologie | 38.786 | 8,3% | ||
| Telecommunicatie | 16.590 | 3,5% | ||
| Nutsbedrijven | 4.298 | 0,9% | ||
| Overheid en overheidsinstellingen | 59.058 | 12,6% | ||
| Financiële instellingen | 74.804 | 15,9% | ||
| Vastgoed | 3.780 | 0,8% | ||
| Liquiditeiten | 40.115 | 8,5% | ||
| Niet gespecificeerd * | 131.085 | 27,9% | ||
| Overige | 26.237 | 5,6% | ||
| Subtotaal vastgoed, aandelen en vastrentende waarden | 467.486 | 99,6% | ||
| Overige beleggingen | 1.937 | 0,4% | ||
| Totaal | 469.423 | 100,0% | ||
De segmentatie van de vastgoedbeleggingen naar aard is, op look through basis, als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Kantoren | 16.711 | 22,6% | ||
| Winkels | 22.404 | 30,3% | ||
| Woningen | 7.764 | 10,5% | ||
| Logistiek | 13.384 | 18,1% | ||
| Hotels | 5.694 | 7,7% | ||
| Gezondheidszorg | 1.996 | 2,7% | ||
| Overig | 5.989 | 8,1% | ||
| Totaal | 73.942 | 100,0% | ||
Kredietrisico (S5)
Er is geen minimum- of target rating bepaald voor nominale staatsobligatieleningen, de landenverdeling is in lijn met de as-is overgenomen portefeuille.
Ultimo 2025 voldeed Pensioenkring IFF aan het opgestelde beleid ten aanzien van beheersing van het kredietrisico binnen vastrentende waarden categorieën. Het resultaat hiervan is opgenomen in de verschillende onderstaande overzichten met segmentatie naar regio, sectoren en creditrating.
De samenstelling van de vastrentende waarden naar regio's kan, op look through basis, als volgt worden samengevat:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Europa | 231.073 | 82,5% | ||
| Noord-Amerika | 42.962 | 15,3% | ||
| Zuid-Amerika | 615 | 0,2% | ||
| Azië-Pacific | 5.336 | 1,9% | ||
| Totaal | 279.986 | 100,0% | ||
De samenstelling van de vastrentende waarden naar sectoren is, op look through basis, als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Energie | 2.848 | 1,0% | ||
| Industrie | 5.061 | 1,8% | ||
| Duurzame consumentengoederen | 5.948 | 2,1% | ||
| Consumentengebruiksgoederen | 14.241 | 5,1% | ||
| Gezondheidszorg | 701 | 0,3% | ||
| Informatietechnologie | 9.045 | 3,2% | ||
| Telecommunicatie | 5.098 | 1,8% | ||
| Nutsbedrijven | 2.125 | 0,8% | ||
| Overheid en overheidsinstellingen | 59.058 | 21,1% | ||
| Financiële instellingen | 22.490 | 8,0% | ||
| Liquiditeiten | 32.480 | 11,6% | ||
| Overige | -10.194 | -3,6% | ||
| Niet gespecificeerd * | 131.085 | 46,8% | ||
| Totaal | 279.986 | 100,0% | ||
De samenvatting van de vastrentende waarden op basis van de ratings zoals eind 2025 gepubliceerd is als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| AAA | 35.602 | 12,7% | ||
| AA | 26.731 | 9,5% | ||
| A | 32.977 | 11,8% | ||
| BBB | 26.706 | 9,5% | ||
| BB | 4.599 | 1,6% | ||
| Geen rating | 22.286 | 8,0% | ||
| Niet gespecificeerd * | 131.085 | 46,8% | ||
| Totaal | 279.986 | 100,0% | ||
De beleggingen met 'Geen rating' betreffen met name cash en nog afgewikkelde transacties in vastrentende waarden.
Verzekeringstechnische risico's (actuariële risico's, S6)
De toeslagverlening van de pensioenkring is voorwaardelijk.
Ultimo 2025 bedraagt de reële dekkingsgraad 103,0%. Pensioenkring IFF heeft deze risico's verwerkt in de buffer voor het verzekeringstechnisch risico ultimo 2025.
Concentratierisico (S8)
De spreiding in de beleggingsportefeuille is weergegeven in de tabel die is opgenomen bij de toelichting op het kredietrisico.
Ultimo 2025 zijn de volgende posten met meer dan 2% van het balanstotaal aanwezig:
| (bedragen x € 1.000) | 31-12-2025 | |||
|---|---|---|---|---|
| Vastrentende waarden | ||||
| M&G EUROPEAN LOAN FUND | 69.452 | 14,7% | ||
| M&G CREDIT OPPS III | 61.633 | 13,0% | ||
| Duitse staatsobligaties | 25.123 | 5,3% | ||
| Nederlandse staatsobligaties | 15.076 | 3,2% | ||
| Totaal | 171.284 | 36,3% | ||
Actief risico (S10)
Voor Pensioenkring IFF bedraagt de tracking error van de aandelenportefeuille per eind december 0,0%.
Derivaten - posities
Ultimo 2025 zijn geen zekerheden ontvangen voor de derivatenpositie en geen zekerheden gesteld. Tevens zijn geen zekerheden gesteld als initial margin.
24.6 Niet in de balans opgenomen verplichtingen
Langlopende contractuele verplichtingen
Bij de Akte van Overdracht tussen Stichting IFF Pensioenfonds en Stap is een Uitvoeringsovereenkomst overeengekomen. Het contract heeft een looptijd tot en met 30 september 2030 en kent een opzegtermijn van minimaal 6 maanden. Hierbij zijn afspraken gemaakt over de kosten die in mindering worden gebracht op het vermogen. De kosten per jaar waarvoor een langlopende verplichting geldt zijn, kosten vermogensbeheer (2025: 189), uitvoeringskosten pensioenbeheer (2025: 455) en exploitatiekosten (2025: 62).
Zolang Pensioenkring IFF is aangesloten bij Stap, is Pensioenkring IFF continu gehouden het benodigd weerstandsvermogen beschikbaar te stellen aan Stap.
Investeringsverplichtingen
Pensioenkring IFF heeft ultimo 2025 geen investeringsverplichtingen.
Verbonden partijen
Identiteit van verbonden partijen
Er is sprake van een relatie tussen het bestuur van Stap en Pensioenkring IFF.
Transacties met (voormalige) bestuurders
Behoudens de betaling van vaste bestuursvergoedingen (en overeengekomen premies) vinden er geen andere transacties tussen de verbonden partijen plaats. Er zijn geen voorschotten, garanties of leningen verstrekt aan, noch is er sprake van vorderingen op, (voormalige) bestuurders. De bestuurders van Stap hebben geen pensioenaanspraken of –rechten in de pensioenregeling van Pensioenkring IFF.
24.7 Toelichting op de staat van baten en lasten
8. Premiebijdragen voor risico Pensioenkring IFF
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Pensioenpremie huidig jaar | 3.491 | |
| Aanvullende koopsom | 556 | |
| Totaal | 4.047 |
De premieopbrengsten zijn niet gesplitst naar een werkgevers- en een werknemersdeel, omdat de totale premie volgens overeenkomst aan de werkgever in rekening wordt gebracht. Een deel van de premie wordt door de werkgever ingehouden op het salaris van de werknemers. Aangezien er geen directe relatie is tussen het werkgevers- en het werknemersdeel, kunnen deze niet afzonderlijk worden weergegeven.
De verantwoorde premiebaten zijn door Pensioenkring IFF in 2025 en deels in 2026 volledig ontvangen. Er is geen sprake van betalingsachterstanden. Ook is er geen sprake geweest van afboekingen als gevolg van oninbaarheid. In 2025 zijn geen incidentele premies in rekening gebracht of betaald.
De aanvullende koopsom die bij de werkgever in rekening is gebracht heeft betrekking op de financiering van de premievrije toekomstige opbouw voor deelnemers die ten tijde van de Collectieve waardeoverdracht al ziek waren en nadien nog arbeidsongeschikt zijn geraakt.
De kostendekkende premie is de benodigde premie voor voorwaardelijke toezeggingen gebaseerd op ambitie en inschattingen. Pensioenkring IFF maakt gebruik van de mogelijkheid om de kostendekkende premie te dempen. Pensioenkring IFF voldoet aan de eis dat de feitelijke premie minimaal gelijk moet zijn aan de gedempte kostendekkende premie. De kostendekkende, feitelijke en gedempte premie zijn als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Kostendekkende premie | 3.486 | |
| Feitelijke premie | 3.484 | |
| Gedempte premie | 3.376 |
De aan het boekjaar toe te rekenen feitelijke premie is als bate in de staat van baten en lasten verantwoord.
De samenstelling van de kostendekkende premie is als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Actuarieel benodigd voor onvoorwaardelijke onderdelen pensioenopbouw | 3.041 | |
| Solvabiliteitsopslag | 445 | |
| Totaal | 3.486 | |
De samenstelling van de feitelijke premie is als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Actuarieel benodigd voor onvoorwaardelijke onderdelen pensioenopbouw | 3.009 | |
| Solvabiliteitsopslag | 475 | |
| Totaal | 3.484 |
De feitelijke premie, zoals deze in bovenstaande uitsplitsing is opgenomen wijkt 7 af van de premie die daadwerkelijk is ontvangen. Dit verschil betreft de opslag voor het weerstandsvermogen.
De samenstelling van de gedempte premie is als volgt:
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Actuarieel benodigd voor onvoorwaardelijke onderdelen pensioenopbouw | 2.946 | |
| Solvabiliteitsopslag | 430 | |
| Totaal | 3.376 |
De premie voor 2025 wordt getoetst aan de hand van de voorschriften van het FTK. De feitelijke premie is hoger dan de gedempte premie. Pensioenkring IFF voldoet hiermee aan de wettelijke eisen.
9. Beleggingsresultaten risico Pensioenkring IFF
| (bedragen x € 1.000) | Directe beleggings- opbrengsten |
Indirecte beleggings- opbrengsten |
Kosten vermogensbeheer | Totaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | ||||||||
| Vastgoedbeleggingen | 15 | 578 | -29 | 564 | ||||
| Aandelen | 0 | 3.618 | -30 | 3.588 | ||||
| Vastrentende waarden | -2.689 | -5.475 | -56 | -8.220 | ||||
| Overige beleggingen | 22 | 0 | 0 | 22 | ||||
| Kosten vermogensbeheer | - | - | -142 | -142 | ||||
| Totaal | -2.652 | -1.279 | -257 | -4.188 | ||||
| Mutatie weerstandsvermogen | -941 | |||||||
| -5.129 | ||||||||
De kosten vermogensbeheer omvatten de kosten die door de vermogensbeheerder direct in rekening zijn gebracht. Daarnaast wordt in het kader van de Aanbeveling Uitvoeringskosten van de Pensioenfederatie een deel van de totale pensioenuitvoeringskosten toegerekend aan vermogensbeheer.
De transactiekosten van het vermogensbeheer zijn inbegrepen in de indirecte beleggingsopbrengsten. Dit geldt ook voor de kosten vermogensbeheer die binnen de beleggingsinstellingen worden verrekend.
De mutatie van het weerstandsvermogen, het bedrag dat in 2025 aan Stap is betaald, bedraagt 941 en is onttrokken aan het totale beleggingsresultaat na aftrek van kosten.
10. Overige baten
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Andere baten | 634 | |
| Interest baten overig | 7 | |
| Totaal | 641 |
De andere baten hebben betrekking op de pensioenuitvoeringskosten 2025 die door de werkgever worden betaald.
11. Pensioenuitkeringen
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Ouderdomspensioen | 2.182 | |
| Partnerpensioen | 428 | |
| Wezenpensioen | 6 | |
| Totaal | 2.616 |
12. Pensioenuitvoeringskosten
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Administratiekostenvergoeding | 457 | |
| Exploitatiekosten | 157 | |
| Dwangsommen en boetes | 0 | |
| Overige kosten | 19 | |
| Algemene kosten toegerekend aan kosten vermogensbeheer | -52 | |
| Totaal | 581 |
De administratiekostenvergoeding bestaat, naast de kosten die voortvloeien uit de uitbestedingsovereenkomst met TKP voor Pensioenkring IFF (455), uit kosten voor meerwerkactiviteiten vanuit wet- en regelgeving en aanvullende dienstverlening (2).
De exploitatiekosten betreffen kosten die vanuit de pensioenkring worden betaald aan Stap voor governance (157). Deze kosten bestaan uit een vaste vergoeding voor Stap, kosten voor de werkzaamheden door de onafhankelijk accountant en de certificerend actuaris, kosten voor de actuariële functie, kosten voor de adviserend actuaris, kosten die samenhangen met voorbereidende werkzaamheden voor de Wtp en kosten van het belanghebbendenorgaan. Een deel (30%) van de exploitatiekosten wordt toegerekend aan de kosten vermogensbeheer.
Onder overige kosten (19) zijn bankkosten, kosten voor communicatie-uitingen en kosten voor de voorbereidende werkzaamheden voor de Wtp opgenomen.
Aantal personeelsleden
Bij Pensioenkring IFF zijn geen werknemers in dienst. De werkzaamheden worden verricht door het bestuursbureau Stap. De hieraan verbonden kosten zijn voor rekening van Stap.
13. Saldo overdrachten van rechten
| (bedragen x € 1.000) | 1-10-2025 t/m 31-12-2025 | |
|---|---|---|
| Inkomende collectieve waardeoverdrachten | -475.563 | |
| Totaal | -475.563 |
Per 1 oktober 2025 zijn de pensioenaanspraken en pensioenrechten van Stichting IFF Pensioenfonds door middel van een collectieve waardeoverdracht overgegaan naar Pensioenkring IFF.
24.8 Gebeurtenissen na balansdatum
Op het moment van vaststellen van het jaarverslag zijn er geen gebeurtenissen na balansdatum bij Pensioenkring IFF.
Stichting Algemeen Pensioenfonds Stap
Den Haag, 16 juni 2026
Het bestuur
Jeroen de Munnik
Huub Popping
Danielle Melis
Fred Ooms